De Aanklager manipuleert anderen door altijd maar te klagen. Nooit is iets goed genoeg. Hij is niet snel tevreden en alleen zijn manier is de juiste manier. Hij zit vol met verwijten en denkt dat hij het altijd beter weet. Hij bestraft de ander voor zijn fouten en voelt veel boosheid. Hij zal er dan ook niet van terugschrikken wraak te nemen. Hij vindt dat hij zelf totaal niks verkeerds kan doen en neemt dan ook totaal geen verantwoordelijkheden voor zijn daden want die ziet hij zelf niet.....